Orthostatische hypotensie

Wat is orthostatische hypotensie?

In het kort:

  • Orthostatische hypotensie is een vorm van lage bloeddruk bij het veranderen van lichaamshouding.
  • Vaak treden klachten op bij te snel opstaan, lichamelijke inspanning en warmte.
  • Kenmerkende symptomen van orthostatische hypotensie zijn duizeligheid, benauwdheid, oorsuizen en flauwvallen.
  • Met een bloeddrukmeting kan een arts orthostatische hypotensie meten en de diagnose stellen.
  • Behandeling is niet altijd nodig, maar leefstijlaanpassing kan wel helpen om klachten te voorkomen.

Over orthostatische hypotensie

Bij orthostatische hypotensie ontstaan klachten doordat de bloeddruk plotseling sterk daalt bij een verandering van lichaamshouding. Vaak gaat het om opstaan of overeind komen (van een liggende naar een zittende houding of naar een staande houding). Orthostatisch betekent rechte houding (rechtop) en hypotensie betekent lage bloeddruk. Iedereen voelt zich wel eens licht in zijn hoofd na te snel opstaan. Meestal verdwijnt dit binnen enkele seconden. Als de bloeddruk echter te sterk daalt en zich niet snel genoeg herstelt, kunnen klachten zoals duizeligheid en zelfs flauwvallen optreden.

Bij orthostatische hypotensie werkt het bloedregulatiecentrum in het lichaam niet goed. Als het hart samenknijpt pompt het met kracht bloed in de slagaders. Hierdoor ontstaat druk op de bloedvaten: de bloeddruk. Wanneer je opstaat vanuit liggende of zittende houding, daalt de bloeddruk. Door de zwaartekracht zakt het bloed richting de buik en benen. Er is dan tijdelijk minder bloed in de hersenen, waar de bloeddruk gereguleerd wordt. Normaal gesproken reageert het bloedregulatiecentrum hierop door de bloedvaten te vernauwen en het hart sneller te laten pompen. Zo komt de bloeddruk snel weer op het juiste niveau. Bij orthostatische hypotensie komt dit proces niet snel genoeg op gang, waardoor je klachten kunt krijgen.

In sommige situaties treden sneller klachten op:

  • Lichamelijke inspanning. Hierbij gaat veel bloed naar de spieren. Je kunt dan klachten krijgen tijdens de inspanning zelf of direct na het stoppen met de inspanning. Bekende voorbeelden zijn duizeligheid bij traplopen of bij stilstaan voor het stoplicht tijdens een fietsrit.
  • Na een warm bad, warme douche of in een warme omgeving staan de bloedvaten in de huid wijder open. Dit beïnvloedt de bloeddruk en kan klachten veroorzaken.
  • Dit kan optreden als je te weinig drinkt, maar bijvoorbeeld ook in de ochtend als je nog niet hebt ontbeten, of bij braken en diarree.
  • Ook alcohol kan de bloeddruk beïnvloeden. Het heeft een tijdelijk vaatverwijdend effect (de vaten zetten uit). Vaak is het een combinatie van factoren waardoor klachten ontstaan.

Bepaalde mensen hebben meer kans op orthostatische hypotensie. Zo komt het verschijnsel vaker voor bij ouderen. Ook bij bepaalde aandoeningen is er een verhoogd risico, bijvoorbeeld bij diabetes, hartfalen en de ziekte van Parkinson. Verder kunnen sommige medicijnen de bloeddruk beïnvloeden, zoals plastabletten, antidepressiva en antipsychotica.

Wanneer de bloeddruk te sterk daalt bij orthostatische hypotensie, kunnen verschillende klachten ontstaan:

  • Een licht of juist zwaar gevoel in het hoofd
  • Kortademigheid of benauwdheid
  • Duizeligheid
  • Slap of wankel gevoel
  • Sterretjes zien of zwart voor de ogen
  • Pijn in de nek en schouders
  • Oorsuizen
  • Hartkloppingen

In sommige gevallen kun je flauwvallen en het bewustzijn kort verliezen. Dit is eigenlijk een beschermingsmechanisme van het lichaam: als je ligt kan het bloed sneller naar de hersenen stromen.

Orthostatische hypotensie meten

Om orthostatische hypotensie vast te stellen, wordt eerst goed naar de klachten geluisterd. De arts stelt vragen over de ernst en aard van de klachten. Wanneer zijn de klachten begonnen en in welke situaties treden ze op? Bij een vermoeden op orthostatische hypotensie voert de arts een bloeddrukmeting uit.

Aan de hand van de bloeddruk kun je orthostatische hypotensie meten. Eerst wordt de bloeddruk liggend gemeten en vervolgens een aantal keren in staande houding. De bloeddrukmeting kan een aantal keren worden herhaald om veranderingen in de bloeddruk op te merken (na één, twee en drie minuten). Als de bloeddruk duidelijk is gedaald en zich niet voldoende herstelt, is er sprake van orthostatische hypotensie. Hierbij wordt een daling aangehouden van 20 mm kwikdruk of meer in de bovendruk en/of 10 mm kwikdruk of meer in de onderdruk.

Orthostatische hypotensie vormt op zichzelf geen direct gevaar voor de gezondheid, maar de klachten worden vaak wel als vervelend ervaren. Het ‘niet lekker voelen’ en de angst om (flauw) te vallen hebben vaak een zeer negatieve invloed op de kwaliteit van leven. Daarnaast kan iemand verkeerd vallen bij duizeligheid, waardoor letsel ontstaat. Wanneer je veel last hebt van klachten door orthostatische hypotensie, kun je met je arts overleggen welke behandelingen mogelijk zijn.

Als medicijnen de klachten veroorzaken, kan de medicatie eventueel worden aangepast. Dit betreft bijvoorbeeld het verlagen van de dosering, het verplaatsen van het innametijdstip of het overschakelen op een ander medicijn indien mogelijk. Soms adviseert de arts elastische steunkousen (tot aan de lies), omdat deze de bloedsomloop stimuleren. De druk van de kousen bevordert de stuwing van het bloed uit het onderbeen omhoog in het lichaam.

Wat kun je zelf doen?

Om orthostatische hypotensie te voorkomen kun je zelf een aantal maatregelen nemen. Denk hierbij aan:

  • Voldoende drinken
  • Voldoende zout eten
  • Het hoofdeinde van het bed omhoog zetten
  • Rustig opstaan uit bed; blijf eerst een aantal minuten op de bedrand zitten en span de onderbeenspieren aan (bijvoorbeeld door om de beurt de tenen en hakken op te tillen)
  • Rustig overeind komen uit een stoel of vanuit gebukte houding
  • Lang stilstaan vermijden of blijf op de plaats bewegen
  • Niet te warm douchen en eventueel een douchestoel gebruiken
  • De maaltijden over de dag verdelen en niet te veel in een keer eten (bij een maaltijd gaat er meer bloed naar de darmen)

Welke adviezen in jouw persoonlijke situatie nuttig zijn, kun je overleggen met je arts.

Wat kun je zelf doen?

Wanneer je duizeligheid voelt opkomen, kun je een aantal maatregelen nemen om te voorkomen dat de klachten erger worden. Ga bijvoorbeeld even liggen of ga met de benen omhoog of gehurkt zitten. Ook het aanspannen van de vuisten of billen kan helpen om de bloeddruk te verhogen. Je kunt ook de benen kruisen en tegen elkaar aanduwen (de benen aanspannen). Dit kan staand maar ook zittend (met name verstandig bij evenwichtsproblemen).